Oorverdovende stilte Het ging goed. Veel te goed. Verdacht goed. Lopen leek een tweede natuur geworden, spierpijn bestond niet meer in m’n wereld en afzien?! Genieten! Na een geweldig laatste kwartaal van 2011 wist ik al wat er nodig was om me mentaal weer even op m’n plek te zetten en me fysiek weer uit te dagen: hup, het strand op! Ik nam geen halve maatregelen en zette de hele JKM met watervaste stift in m’n agenda en na afgelopen jaar de kat uit de boom te hebben gekeken stond nu ook de 90km van de Dutch Coast Ultra erin. Als je de nieuwsbrieven en mails van Neerlands nieuwste organisatieduo Rinus en Ferry mocht geloven konden we beter vast een opsporingsbevel of uitvaartverzekering paraat hebben want het zou zo zwaar worden dat de finish halen al in het Guinness Book of World Records zou komen. Laat staan binnen de gestelde tijd. En zo stond ik gisteravond om 19.00 bij de finish van de 90km in Ijmuiden. Na een ingewikkelde carpoolconstructie was de Fantastic Four in vol ornaat ruim voor 22.00 bij de start in Den Helder met strategisch geplaatste auto’s van een ieder. De briefing was even nuttig als onnavolgbaar en ik hoopte dat m’n Siamese buddy Ritchie de juiste, ingewikkelde route in z’n GPS had. Tot aan Castricum, het 50km punt kon zelfs blondie het volgen, maar daarna werd het een ander verhaal. De eerste 50km ging grotendeels over het door mij zo gehate strand. Vlak, hard als asfalt en tientallen meters breed. In een vacuum gevuld met maanlicht, voetstappen en een sliert lichtjes voor en achter ons sjokten we vrijwel zwijgzaam langs het altijd aanwezige geruis van het zeewater. Ik liep er gewoon een potje te genieten van deze vreemde, donkere situatie. Op het 50km punt zagen we Martine en Richard weer. Martine zou daar finishen en Richard verdween vlak voor ons het donker weer in. Vanaf nu was het opletten geblazen, maar zonder enig probleem vonden we de (nogal inspiratieloze) weg langs de Zeesluizen en naar het pikkedonkere duingebied in Ijmuiden. Daar waar de 2 Amsterdamse chickies Wilma Dierx en ik elkaar nooit eens tegenkomen in de grote stad liep ze nu in een donker Ijmuiden met ons mee richting Zandvoort. Heerlijk, even bijgepraat en over mooie loopjes gefilosofeerd. Het duingebied bleek een soort Forest from Hell met paadjes zo klein en donker dat we regelmatig 7 keer moesten checken of we wel de goede kant op gingen. Omdat je geen hand voor ogen zag had ik het idee opgesloten te zitten in een universum waar de tijd 3 keer zo langzaam ging. Het schoot maar niet op voor m’n gevoel en ik was wel weer klaar om dat inmiddels door mij zo geliefde strand weer op te lopen. Hoe dingen toch kunnen veranderen…… Gelukkig was daar na ruim 86km eindelijk het strand en de laatste 5km richting finish. We zouden vast een van de laatsten zijn maar we hadden het maar mooi gedaan! Aangekomen bij de finish zaten daar echter maar 2 lopers waarvan 1 zich alleen nog op z’n handen en knieen kon voortbewegen en een spoor van bloed achterliet. Aan een surrealistische nacht gevuld met duizenden zwijgzame voetstappen kwam na 11 uur een einde. Een nacht die zich kenmerkt door niks dan oorverdovende stilte……en een Big Mac.

Oorverdovende stilte

Het ging goed. Veel te goed. Verdacht goed. Lopen leek een tweede natuur geworden, spierpijn bestond niet meer in m’n wereld en afzien?! Genieten! Na een geweldig laatste kwartaal van 2011 wist ik al wat er nodig was om me mentaal weer even op m’n plek te zetten en me fysiek weer uit te dagen: hup, het strand op! Ik nam geen halve maatregelen en zette de hele JKM met watervaste stift in m’n agenda en na afgelopen jaar de kat uit de boom te hebben gekeken stond nu ook de 90km van de Dutch Coast Ultra erin.

Als je de nieuwsbrieven en mails van Neerlands nieuwste organisatieduo Rinus en Ferry mocht geloven konden we beter vast een opsporingsbevel of uitvaartverzekering paraat hebben want het zou zo zwaar worden dat de finish halen al in het Guinness Book of World Records zou komen. Laat staan binnen de gestelde tijd. En zo stond ik gisteravond om 19.00 bij de finish van de 90km in Ijmuiden. Na een ingewikkelde carpoolconstructie was de Fantastic Four in vol ornaat ruim voor 22.00 bij de start in Den Helder met strategisch geplaatste auto’s van een ieder.

De briefing was even nuttig als onnavolgbaar en ik hoopte dat m’n Siamese buddy Ritchie de juiste, ingewikkelde route in z’n GPS had. Tot aan Castricum, het 50km punt kon zelfs blondie het volgen, maar daarna werd het een ander verhaal. De eerste 50km ging grotendeels over het door mij zo gehate strand. Vlak, hard als asfalt en tientallen meters breed. In een vacuum gevuld met maanlicht, voetstappen en een sliert lichtjes voor en achter ons sjokten we vrijwel zwijgzaam langs het altijd aanwezige geruis van het zeewater. Ik liep er gewoon een potje te genieten van deze vreemde, donkere situatie.

Op het 50km punt zagen we Martine en Richard weer. Martine zou daar finishen en Richard verdween vlak voor ons het donker weer in. Vanaf nu was het opletten geblazen, maar zonder enig probleem vonden we de (nogal inspiratieloze) weg langs de Zeesluizen en naar het pikkedonkere duingebied in Ijmuiden. Daar waar de 2 Amsterdamse chickies Wilma Dierx en ik elkaar nooit eens tegenkomen in de grote stad liep ze nu in een donker Ijmuiden met ons mee richting Zandvoort. Heerlijk, even bijgepraat en over mooie loopjes gefilosofeerd.

Het duingebied bleek een soort Forest from Hell met paadjes zo klein en donker dat we regelmatig 7 keer moesten checken of we wel de goede kant op gingen. Omdat je geen hand voor ogen zag had ik het idee opgesloten te zitten in een universum waar de tijd 3 keer zo langzaam ging. Het schoot maar niet op voor m’n gevoel en ik was wel weer klaar om dat inmiddels door mij zo geliefde strand weer op te lopen. Hoe dingen toch kunnen veranderen……

Gelukkig was daar na ruim 86km eindelijk het strand en de laatste 5km richting finish. We zouden vast een van de laatsten zijn maar we hadden het maar mooi gedaan! Aangekomen bij de finish zaten daar echter maar 2 lopers waarvan 1 zich alleen nog op z’n handen en knieen kon voortbewegen en een spoor van bloed achterliet. Aan een surrealistische nacht gevuld met duizenden zwijgzame voetstappen kwam na 11 uur een einde. Een nacht die zich kenmerkt door niks dan oorverdovende stilte……en een Big Mac.

Dutch Coast Ultra Run fun met Rinus
No comment
Packin’ for tomorrows 90km beachrun by night
Ook in de auto trainen voor Sparta
These babies are a bit early this year
Woohoo, de ranglijsten zijn bijgewerkt! Sta ik gewoon naast meneer Teunisse =D
Streep erdoor……
Foxy lady On a roll. Dat was ik inmiddels wel weer na het relax-semester post-Aulnat. Hartslagzones die naar beneden bijgesteld waren, trainingen die van een leien dakje gingen en een gemiddeld weektotaal structureel boven de 100km. Kortom: hij ging lekker. Let even op de verleden tijd in bovenstaande zinnen. Want waar vrijdag de 13e nog een geluksdag bleek daar werd vrijdag de 20e een verlaat feestje van Murphy. Met een snotkop die ik als souvenir had meegenomen van de Afsluitdijk escapades liep ik in het donker door een nat, winderig bos die ochtend. Een uurtje stond op het schema, net genoeg om geen last te krijgen van m’n snotoverdosis en fikkende keel. Lang genoeg om door een op hol geslagen hond op de grond te worden gesmeten en met gescheurd jack en een emmer verbazing te horen hoe de baas zich met name om z’n lieve Foxy bekommerde. Ik zal verdere krachtterminologie achterwege laten maar net als ik niet kan begrijpen dat politieke partijen met religieuze grondslag worden toegelaten in dit land kan ik ook geen enkele reden bedenken waarom honden in dit land los mogen lopen op openbare plekken. Enough said. Snot dus. En een geschaafde elleboog. En een blauwe kont. Een feest van jewelste en geen haar op m’n blonde bolletje die eraan dacht om de weekendplannen naar beneden bij te stellen. Dat doet mijn soort mensen namelijk niet. En zo stond ik gewapend met rugzak, Stormfit 10 jack en handschoenen klaar voor een duin en strandtraining van 7 uur op zaterdagochtend. Dat was overigens nadat m’n vriendje 100 keer vroeg of dat wel zo slim was. Jah, dat was het volgens mij. Mooi was dan ook het besef na 7.5km dat ik bezig was met een kansloze missie. Ik voelde me een omgekeerde Zwelgje die geen vuur spuugde maar inademde. Fik van m’n longen tot m’n huig en die wind vol in m’n bakkes hielp niet echt mee. Een moment nog het idee dat ik het dan tot 5 uur zou beperken en al snel de berusting dat ik eigenlijk gewoon onder een dekentje op de bank wilde liggen. Zo gezegd, zo gedaan. Na een dagje moederliefde ging het al beter. Tijd om het dus weer te proberen vanmorgen. Stuk beter maar als ik zo de Spartathlon moet lopen ga ik die finish nooit halen. Zucht. Ik haat het als m’n lichaam niet doet wat ik wil. Ultralopen is een mentale sport maar tis toch verdomd handig als de rest meewerkt. Morgen dus nog maar een soort van rustig aan doen en vrijdag meld ik me in Den Helder voor 90km zandkastelen bouwen.

Foxy lady

On a roll. Dat was ik inmiddels wel weer na het relax-semester post-Aulnat. Hartslagzones die naar beneden bijgesteld waren, trainingen die van een leien dakje gingen en een gemiddeld weektotaal structureel boven de 100km. Kortom: hij ging lekker.

Let even op de verleden tijd in bovenstaande zinnen. Want waar vrijdag de 13e nog een geluksdag bleek daar werd vrijdag de 20e een verlaat feestje van Murphy. Met een snotkop die ik als souvenir had meegenomen van de Afsluitdijk escapades liep ik in het donker door een nat, winderig bos die ochtend. Een uurtje stond op het schema, net genoeg om geen last te krijgen van m’n snotoverdosis en fikkende keel. Lang genoeg om door een op hol geslagen hond op de grond te worden gesmeten en met gescheurd jack en een emmer verbazing te horen hoe de baas zich met name om z’n lieve Foxy bekommerde.

Ik zal verdere krachtterminologie achterwege laten maar net als ik niet kan begrijpen dat politieke partijen met religieuze grondslag worden toegelaten in dit land kan ik ook geen enkele reden bedenken waarom honden in dit land los mogen lopen op openbare plekken. Enough said.

Snot dus. En een geschaafde elleboog. En een blauwe kont. Een feest van jewelste en geen haar op m’n blonde bolletje die eraan dacht om de weekendplannen naar beneden bij te stellen. Dat doet mijn soort mensen namelijk niet. En zo stond ik gewapend met rugzak, Stormfit 10 jack en handschoenen klaar voor een duin en strandtraining van 7 uur op zaterdagochtend. Dat was overigens nadat m’n vriendje 100 keer vroeg of dat wel zo slim was. Jah, dat was het volgens mij.

Mooi was dan ook het besef na 7.5km dat ik bezig was met een kansloze missie. Ik voelde me een omgekeerde Zwelgje die geen vuur spuugde maar inademde. Fik van m’n longen tot m’n huig en die wind vol in m’n bakkes hielp niet echt mee. Een moment nog het idee dat ik het dan tot 5 uur zou beperken en al snel de berusting dat ik eigenlijk gewoon onder een dekentje op de bank wilde liggen. Zo gezegd, zo gedaan.

Na een dagje moederliefde ging het al beter. Tijd om het dus weer te proberen vanmorgen. Stuk beter maar als ik zo de Spartathlon moet lopen ga ik die finish nooit halen. Zucht. Ik haat het als m’n lichaam niet doet wat ik wil. Ultralopen is een mentale sport maar tis toch verdomd handig als de rest meewerkt. Morgen dus nog maar een soort van rustig aan doen en vrijdag meld ik me in Den Helder voor 90km zandkastelen bouwen.

Ik kwam, ik zag, ik liep terug naar huis……7 uur werd 1.5 uur